Alle berichten van admin

Bonne chance demain Nicolas et Francois…

Nederland viert Bevrijdingsdag. De Fransen moeten nog een paar dagen wachten, zij vieren Bevrijdingsdag op 8 mei.

Met de stofzuiger ga ik La maison Rouge door. P en MJ pakken in de tussentijd de auto in. Na afscheid van de Nederlandse buurtjes en René te hebben genomen, rijden we naar de Intermarché. Met een volgetankte auto, 2 stokbroden, 24 flessen Oasis, 2 flesjes pizza olie en wat zakjes lekkers volgen we vanuit La Machine de navigatie die ons een kleine zijstraat instuurt.

Even later verdwijnt het asfalt en zorgen de hoge graspollen voor een onafgebroken gepiep in de auto. Het pad wordt steeds smaller en smaller en uiteindelijk komen we uit bij een hek. Het hek zit uiteraard op slot en we moeten keren. Na deze zelfs vanuit toeristisch oogpunt onzinnige route draaien we een kwartier later alsnog de D18 richting Nevers op.

Uiteindelijk parkeert P de auto om iets over zessen op onze inrit. En ook nu is het uitpakken weer zo gebeurd!

L’art de La maison Rouge…

De zon prikt al vroeg door de kieren van de luiken van de slaapkamer. Door het raam aan de andere kant van de kamer zie ik blauwe lucht. Fijn, vandaag weer mooi weer. In de kamer schuif ik de gordijnen open en de warmte stroomt naar binnen. Uit de keuken komt de geur van versgebakken brood. Lang leve de broodbakmachine met timer. Met een kop koffie word ik langzaam maar zeker wakker. Vandaag is het de laatste dag van onze midweek La maison Rouge. Dat betekent naast studie, werk- en privémail ook koelkastleegeetdag, tuinopruimdag, zonzitdag, klikoleeggooidag, inpakdag, geopendeflessenleegdrinkdag, en algehele schoonmaakdag. En dat allemaal op deze ene vrijdag, 4 mei.

Na het buitendiner van gisterenavond kunnen we nu ook buiten ontbijten. Na het ontbijt gaan P en ik aan de slag. MJ installeert zichzelf met een boek in de zon. De kliko’s vullen met tuinafval is nooit een probleem in La maison Rouge. Gelukkig is het resultaat van alle inspanningen wel steeds meer en beter zichtbaar.

In de namiddag komen er in hoog tempo inktzwarte wolken aangedreven. P en ik moeten rennen om alle spullen op tijd binnen te krijgen voor het onweer losbarst. Terwijl P en MJ naar de déchetterie rijden komt de regen met bakken naar beneden, hagelstenen stuiteren op de grond. Planten watergeven is niet meer nodig vandaag. De bui trekt richting Rouy, bij de déchetterie wordt vast even gewacht tot deze is overgetrokken.

Een half uurtje later lijkt het alsof er geen onweer en geen hagelbui is geweest. De lucht is weer helemaal opengetrokken, de temperatuur is wel een paar graden gedaald.

Na de broodjes met kaas en ham en de eerste schoonmaakactiviteiten lopen we naar G&L voor een afscheidsborrel. Uit het zuiden van Frankrijk komt een telefoontje dat vriendin S. daar in het ziekenhuis is opgenomen. Lieve S. we denken aan je en duimen voor je!

L’un des plus beaux villages de France…

Nog voor achten gaat de man van de gemeente, of is het toch de buurman, aan de slag. Het is de hoogste tijd dat het gras in La Chapelle wordt gemaaid. Hij pakt zijn bosmaaier en vanaf dat moment produceert hij alleen nog maar lawaai, veel lawaai, heel veel lawaai… Zo nu en dan zie ik zijn hoofd opduiken tussen de rode bladeren van de glansmispels, die op de erfgrens staan. Gelukkig gaat de man gedegen en zeer minutieus te werk. Geen graspolletje ontsnapt aan de lawaaierige bosmaaier.

De meteo voorspelt voor vandaag een prachtige dag. Zon en een temperatuur boven de 20 graden. Tegen elven is de mist uit de dalen opgetrokken en rijden we op ons gemak naar Apremont-sur-Allier. 5 Kilometer voor het dorp stoppen we eventjes bij het aquaduct van Guétin. De dubbele sluis is een indrukwekkend stukje architectonisch vernuft over de Allier en al sinds 1838 operationeel.

In het Middeleeuwse dorp Apremont is het rustig. Bij de Brasserie du Lavoir bestellen we een café creme, een colaatje voor MJ en een calorierijke tarte maison. Op het terras zitten veel Nederlanders en onze tarte maison krijgt bij hen ook al snel gretig aftrek.

Na de ‘lunch’ maken we een wandeling door de jardin botanique. Een prachtig onderhouden, uitgestrekt landgoed waar toch wel een aanzienlijk aantal tuinlieden werkzaam moet zijn.

Veel bloemen en planten staan er nog niet in bloei. Maar vanaf de banken, die her en der op het gras verspreid staan, heb je een prachtig zicht op de mooie doorkijkjes en de bijzondere bomen.

Via de Chinese brug komen we terecht in Turkije.

Daarvandaan lopen we door naar Rusland. De Russische Belvédere hangt vol met tegelpanelen, gemaakt in de aardewerkfabrieken in Nevers. We verlaten Rusland en komen bij de bogen met Gouden – en Blauwe regen en de witte tuinen in de stijl van de wereldberoemde Engelse Vita Sackville West.

Tegen vieren zijn we weer terug bij La maison Rouge. MJ en ik zitten net met een apéro op het bankje in de zon als buurvrouw L met dochter aan komen lopen. P schenkt snel extra glazen in. Het duurt niet lang of we zien de baret van René boven de rietpluimen uit aankomen. Paulette volgt als René met een biertje in zijn hand op zijn eigen enthousiaste wijze een lang verhaal staat te vertellen. We praten over de verkiezingen, die zondag worden gehouden. René twijfelt of hij zal gaan stemmen aangezien zijn kandidaat de tweede ronde niet heeft gehaald. Ik probeer hem ervan te overtuigen dat als hij niet gaat stemmen, hij ook zijn recht verliest om te klagen. Iets wat hij toch graag mag doen.

Over zevenen rijden we naar Vandenesse. Klokslag half 8 parkeert P op de grassige parking van L’Entrepot de la Gare. Rob en Corrine hebben de tafels op de veranda gedekt en voor de eerste keer dit jaar eten we weer buiten.

Met uitzicht op de landerijen en de ondergaande zon krijgen we het ene na het andere lekkere gerecht voorgeschoteld:

getoast stokbrood met geitenkaas, honing en pijnboompitten

asperges in botersaus, ei, ham en salde

boeuf bourguignonne met salade en appelcompote

kastanjepuree met creme fraiche en walnoot.

Na de cappuccino nemen we weer afscheid van Rob en Corrine. De temperatuur is inmiddels behoorlijk afgekoeld en bibberend lopen we terug naar de auto.

In Cercy la Tour wordt P aangehouden. Alcoholcontrole. Dankzij de lekkere appelsap van Rob blaast P 100% groen en met een ‘impeccable’ van de gendarme mogen we verder.

 

Le jaune du colza…

Lang voordat de vuilnisauto het pad opdraait ben ik wakker. Zodra het licht is stap ik het bed uit en ga koffie zetten. De zon laat het afweten, het is behoorlijk bewolkt en de meteo belooft voor vandaag niet veel meer. Met een kop koffie kruip ik naast de houtkachel en met mijn laptop op schoot werk ik mij door een berg mailberichten heen.  Om half 10 zijn ook P en MJ wakker, gevoelsmatig heb ik er dan al meer dan een kwart werkdag opzitten.

Na het ontbijt gaat P met de gras- en bosmaaier aan de slag. René is zo lief geweest om ons gras alvast te maaien, maar heeft in zijn enthousiasme hele hoeken overgeslagen. Terwijl ik de uit Nederland meegebrachte Franse geraniums (hoe verzin je het) in de potten bij de voordeur zet, duikt MJ het Habbo-hotel in op haar laptop.

Wanneer het gras weer egaal van lengte is en er een aantal potjes tafeltennis zijn gespeeld, rijden we naar Décize voor de boodschappen. De velden onderweg zijn felgeel gekleurd door het bloeiende koolzaad. Het is een fantastisch gezicht.

Met een aanzienlijke hoeveelheid boodschappen, voldoende voor de komende dagen, de terugreis en het thuisfront, komen we weer aan bij La maison Rouge. P duikt nog even de tuin in terwijl MJ en ik binnen aan ons huiswerk gaan.

Iets over half 8 rijden we naar La Tosca, de pizzeria in Rouy, zoals we vaker meemaken, blijkt de tent gesloten te zijn. We keren en rijden langs La Chapelle terug de andere kant op. Roma Antica in St. Léger des Vignes is echter ook gesloten. In het centrum van Décize vinden we een pizzeria die wel open is. Binnen zit één dame aan een tafeltje naar buiten te staren. Wij besluiten geen bijdrage te leveren aan de gezellige ambiance en rijden verder. Bij het uitrijden van Décize zien we nog een andere pizzeria, op de deur staat ‘ouverte’, maar het licht brandt niet. Na een uur zijn we weer terug in La maison Rouge. Terwijl P de houtkachel opstookt, maak ik een groentensoepje met stokbrood en Franse kaas klaar.

Rien à declarer…

Na een lange Koninginnenacht met muziek en bier en een drukke Koninginnedag met uitsluitend oude meuk rijden P, MJ en ik op de dag van de Arbeid naar La maison Rouge. In de haast heb ik her en der wat spullen bij elkaar gegrist, wat ertoe leidt dat we met een bijna lege auto op pad gaan. Niet verkeerd, want dit geeft mij mooi de gelegenheid, na wat nachten met toch te weinig slaap, mijzelf met een kussentje op de achterbank te posteren.

Zonder problemen bereiken we de Belgische grens. De E19 die afgelopen weekend niets anders was dan een niet te overbruggen stuk asfalt rijdt goed door. P moet zo nu en dan zelfs denken om iets af te remmen voor al dan niet verdekt opgestelde flitskasten.

Bij onze reguliere stop in Hénin-Beaumont testen we bij de McDo een McBaguette, die als proef 6 weken op de kaart staat. Het is een krokante Franse baguette met een burger, bataviasla, mosterdsaus en Emmentaler kaas. Het is grappig om te ervaren dat de Fransen er telkens in slagen om het fastfood aanbod zo te ‘verfransen’, alhoewel wij hebben natuurlijk onze eigen Mckroket. De McBaguette smaakt in ieder geval prima en de koffie misschien nog wel beter.

In Parijs lopen we door een politiecontrole half op een rijbaan en een paar onvoorzichtige motorrijders die een behoorlijke kijkersfile weten te veroorzaken wat vertraging op. Daarna kan het gas weer op de plank. Achter het glas is het lekker warm, de zon staat hoog aan de hemel.

Het is net iets over zessen als we La Chapelle inrijden. Onze 3 kratten met spullen zijn zo uitgeladen. We kunnen René en Paulette gaan begroeten. Na de min of meer obligate vragen over de gezondheid van beiden en de laatste nieuwtjes over de levende have lopen we door naar G&L. Eventjes later zitten we daar op het terras met een biertje en een ‘blanc’. Het duurt niet lang of René en Paulette komen de hoek om en schuiven ook aan. Als de zon onder gaat nemen we afscheid, tijd voor een warme kop soep en een stokbroodje. Morgen is er weer een dag.

Bonne route…

Voor een zondag is het nog vroeg in de morgen als we na een snel ontbijt afscheid nemen van René en Paulette. Ik moet hen beloven om snel weer terug te komen want zoals René zegt: ‘het kan zomaar gedaan zijn met de santé’.

Met de tank van de Vito helemaal afgevuld rijden we naar Nevers waar we de A77 richting Parijs opdraaien. Er is geen kip op de weg; de enkele Fransman die er wel rijdt, rijdt als een krant. Bang voor het ietsiepietsie kleine sneeuwlaagje dat aan de uiterste linker- en rechterkant van de weg ligt.

P rijdt in 20 minuten door Parijs heen. Voor we het weten zitten we op de A1 richting Lille. Onze vaste stop, bereiken we na precies 4 uur rijden. Met een Charolais en een cappuccino Daim ontspannen we eventjes, om daarna weer snel verder te gaan.

Na precies 7 uur netto rijtijd rijden we onze besneeuwde straat in. Oma staat al te wachten terwijl uit de keuken de geur van boerenkool met worst komt. We zijn weer thuis!

Henk…

Vanmorgen is in Flevoland -23 graden gemeten; hier in de Bourgogne is de temperatuur niet verder gedaald dan -17. Door de kou heb ik vannacht toch niet echt lekker geslapen, het gevolg is dat ik net als ik wil opstaan weer in slaap val. Om half 10 springen we ons bed uit; al over een uurtje komt Henk, de aannemer langs.

Henk komt stipt op tijd in zijn oranje auto aanrijden. Bij een kop koffie maken we kennis. Henk heeft een jaar of 14 geleden zijn boeltje in Nederland ingepakt en woont nu permanent in een klein dorpje zestig kilometer verderop. Daarnaast is Henk goed in alle soorten verbouwingen.

Samen met Henk doen we een rondje langs onze ruine. Als kenner overziet hij de situatie van de losliggende Ardoises op het dak en de status van de gordingen. Gelukkig ziet hij mogelijkheden, die aansluiten bij onze ideeën. Met behoud van het aanzicht gaat Henk uitzoeken hoe het dak naar beneden gehaald kan worden. De muren kunnen recht worden gehouden met behulp van trekbalken en de stenen blijven op hun plaats als ze worden afgevoegd met cement.

Binnen warmen we op met een tweede kop koffie. Met Henk stellen we een plan van aanpak op. Na een paar foto’s van de ruine neemt hij afscheid van ons. Over een week of wat horen we meer van hem.

Als P zijn pot Acrylkit leeg heeft, rijden we naar Décize om wat boodschapjes (lees: drank) in te slaan. Bij de ingang van de Brico worden P en ik aangesproken of we wat diervoeder willen kopen voor het dierenasiel. De dame hoort dat wij Nederlanders zijn en haalt direct één van de andere vrijwilligsters op: een Nederlandse die in Décize woont. Na een lang verhaal en een kleine donatie kunnen P en ik eindelijk de Brico uit.

Het is prachtig zonnig weer en via een route touristique rijden we terug naar La Maison Rouge. We zijn net binnen als Pierre-Henri onze buurman aanklopt. Hij is nieuwsgierig naar onze progressie met de ruine. Ik geef hem een status update en gelukkig is hij er tevreden mee. Zelf heeft Pierre-Henri ook nog leuk nieuws: in mei komt er in La Chapelle weer een klein inwoonstertje bij.

Omdat de keuken al schoon is, omdat het in de keuken koud is, omdat  … eten we een hapje bij de pizzeria in St. Léger des Vignes. Het is tegen achten, maar toch zijn wij de eersten die het restaurant binnen komen. We krijgen een lekker centraal tafeltje: pontificaal in het midden.

De pizza’s zijn lekker: een Spécial canard, of Canard spécial voor P en voor mij een Carbo zoals de patronne luidt aan de pizzabaas doorgeeft. Na een cappuccino storten P en ik ons weer de kou in. Terug in La Maison Rouge stoken we de houtkachel nog maar eens flink op: buiten is het -10 graden.

 

Moules/frites…

Ik word wakker en zie dat het ijs dik op de ramen staat. De 25 meter van slaap- naar badkamer leg ik zo snel mogelijk af maar verhindert niet dat ik helemaal verkleumd aankom. Snel schiet ik mijn kleren aan, die ook koud zijn. In de woonkamer ontdooi ik mijn vingers met een kop thee; zo achter het glas is het in het zonnetje best lekker.

Na het ontbijt en wat studie- cq. werkuurtjes halen P en ik René en Paulette op voor de lunch in La Machine.

Links en rechts om zich heen kijkend of hij alsjeblieft bekenden ziet, zit René voorin de Vito. Paulette en ik zitten achterin, waarbij Paulette meer hangt dan zit, haar benen komen niet bij de grond.

In het hotel/restaurant in La Machine is het druk. Aangezien wij, bij het langsrijden nooit iemand naar binnen zien gaan verbaast ons dit zeer. Na het schudden van een aantal handen en de luide introductie van René dat hij zijn Nederlandse vrienden heeft meegebracht kunnen we onze tafel opzoeken.

Niet veel later genieten we van een grote pan in witte wijn gekookte Franse mosselen, een schaal dikke frites, een heerlijk sausje waarvan de kok het recept niet wil prijsgeven en een pichet rouge.

Als dessert bestellen we creme brulée en een koffie. Terwijl P de rekening betaalt, stort René zich op de Loterie. Paulette en ik nemen maar plaats aan een ander tafeltje. Bij het derde lot heeft René prijs; hij incasseert zijn prijs vrolijk, waarna wij hem snel meenemen voordat hij nieuwe loten koopt.

Een half uurtje, dat is de maximale tijd om in de tuin door te brengen voordat bevriezingsverschijnselen toeslaan. Vrij makkelijk krijgen P en ik een doormidden gespleten boom los; de stam is volledig doorgerot. Daarna redden we nog wat in de tuin verdwaalde potten met vetplanten erin van de ondergang.

Voor het avondeten maak ik een kop soep en met Rosette belegde broodjes klaar. Na het eten duik ik voor de verandering mijn studieboek in. De schrijver is in zijn boek nogal te spreken over zijn eigen theorieën, wat mijn enthousiasme behoorlijk doet afnemen. P installeert zich in een stoel en niet veel later hoor ik een licht gesnurk.

Les crepes de Paulette…

Ik word wakker met een ijs- en ijskoude neus. Met enige moeite draai ik mij om in bed en verbrand daarbij zowat mijn billen. De elektrische deken staat nog steeds op de hoogste stand.

De zon is al een uurtje of wat op; buiten is het nog -7 graden maar de temperatuur in de woonkamer achter het glas is al gestegen tot boven de nul graden. Met een kop koffie erbij zet ik alle kachels op stand hoog en ga broodjes bakken. Na het ontbijt doet P een rondje apparaten en al snel komen de uitlaatgassen uit zowel de garage als de berging. Zelfs de eigenwijze La Maison Rouge eend, toch beter op zijn gemak in de zomer tussen de wuivende lavendel, trekt zich weinig aan van de kou en start zonder problemen.

Ik loop naar René en Paulette om ze na onze maandenlange afwezigheid gedag te zeggen. In de keuken komt mij een enorme warmtegolf tegemoet, de houtkachel kraakt van de berg boomstammen die het moet verstouwen. René is niet thuis, hij doet zijn dagelijkse ronde langs vrienden en vrijheid. Samen hangen Paulette en ik boven de houtkachel. Het zweet druppelt in mijn nek, terwijl Paulette vertelt dat ze het huis nauwelijks warm gestookt krijgt. Na een kwartier houd ik het echt niet langer uit van de hitte. Met een uitnodiging voor P en mij om vanavond crepes te komen eten neem ik snel afscheid.

Al in de verte hoor ik René aan komen lopen. Niet veel later gaat de deur van La Maison Rouge open. Zoals altijd meldt René zich in een stortvloed van woorden. In krap een half uur neemt hij de afgelopen maanden met mij door. Wanneer ik sommige van zijn verhalen voor de 3e keer langs hoor komen, begeleid ik hem langzaam maar gedecideerd naar de voordeur. Het is tijd voor zijn déjeuner, Paulette zit vast en zeker op hem te wachten. Voor onze lunch laat hij een stuk Rosette du Morvan achter!

Na de lunch doen we het even rustig aan. Ik studeer wat terwijl P zorgt voor een snelle internetverbinding. Na de thee is het tijd om wat boodschappen te doen. Even iets lekkers voor Paulette halen voor vanavond.

Met een handje vol boodschappen komen we terug van de EleClerc. Terwijl P een zak koekjes aanbreekt, wacht ik met een glas port af tot het half 8 is.

Precies op tijd komen we de keuken van het huis van René en Paulette binnen. René heeft al een hele stapel crepes gebakken en de keuken inclusief woon-/eetkamer staan volledig blauw van de rook. Met ogen die tranen gaan we uiteindelijk, ook om niet al te groot te lijken, maar zitten aan de eettafel. Als René de crepes klaar heeft wordt het sein gegeven om een drankje in te schenken. Met een glas Pastis proosten we op een goede gezondheid. Paulette heeft een heerlijke charcuterie-schotel als voorgerecht gemaakt. De schotel is voor onze Hollandse begrippen even wennen in combinatie met de pannenkoeken, maar de vleeswaren smaken heerlijk.

Tijdens de crepes behandelen René en ik alle mogelijke gespreksonderwerpen. De politiek, de crisis en de gezondheid inclusief het hele medische dossier en bijbehorende rontgenfoto’s van de prostaat van René komen op tafel. Als we onze buikjes helemaal vol hebben gegeten volgt het kaasplateau en wordt er nog een stokbrood aangesneden. De kop koffie van Paulette drinken we dankbaar op, maar na een laatste ‘petit gateau’ wordt het hoog tijd om afscheid te nemen. Enigszins suf geluld lopen P en ik terug naar La Maison Rouge. Daar zet P in de ijskoude slaapkamer de elektrische dekens aan en drinken we nog een laatste glaasje. In de woonkamer snorren de kachels en is het behaaglijk warm.